In groep 6 worden teksten langer en ingewikkelder. Je leerlingen leren hoe een tekst is opgebouwd en hoe signaalwoorden helpen om verbanden te zien. Op deze pagina lees je wat er in groep 6 aan bod komt, hoe je het in de klas oefent en welk materiaal daarbij past.
Elke methode heeft een eigen volgorde. Stem de oefeningen af op waar je groep nu staat.
Lees samen een stukje en laat leerlingen woorden als daarom en maar zoeken. Wat vertellen ze over de zinnen eromheen?
Vraag na een hoofdstuk of nieuwsbericht: waar ging het over, in één zin?
Het Jeugdjournaal of een kinderkrant op het digibord biedt korte, actuele teksten om over te praten.
Een printbaar leesboekje met oefeningen voor groep 6, voor in de klas. Bekijk de leesboekjes → Inbegrepen bij JouwKlas Membership.
De belangrijkste boodschap van een tekst of alinea. Vaak staat die in de eerste of laatste zin.
Ze laten zien hoe zinnen met elkaar te maken hebben, bijvoorbeeld een tegenstelling (maar) of een oorzaak (want).
Tips om ouders mee te geven vind je op Voor ouders. Alle materialen staan op de pagina Begrijpend lezen.
We gebruiken cookies om de website goed te laten werken en om te zien hoe hij gebruikt wordt. Kies zelf wat je toestaat. Je kunt je keuze altijd weer aanpassen.